Lapland: droomreis naar winterwonderland

Het geblaf van de husky’s verstomt en maakt plaats voor het zachte zoeven van de slee door de sneeuw. De plotselinge stilte is magisch. Tranen wellen in mijn ogen op. Niet van de wind of de kou, maar van puur geluk. Even zie ik het plaatje waar ik in ben beland in gedachten van boven, als in een film: een slee met erop twee nietige, dik ingepakte figuurtjes, getrokken door zes husky’s, zoeft door een oneindig winterwonderlandschap boven de Poolcirkel. Over open vlaktes en tussen besneeuwde bomen door. Het volgende moment zit ik weer in het hier en nu: ik zie close-ups van met dikke pakken sneeuw bedekte takken, een spoor in de sneeuw voor ons uit en de zes enthousiaste honden, die niets liever lijken te doen dan rennen. Ik voel mijn lichaam warm onder de wollen deken en de kou in mijn gezicht. En realiseer me dat ik me nog nooit zo één met de natuur heb gevoeld als nu.

Zat ik eerst als passagier comfortabel op de slee en mocht ik de indrukken op me in laten werken, nu moet ik zelf aan de bak: ik ga leren een hondenslee te mennen. Met één voet sta ik achter op de slee, met de ander trap ik op de rem. Het valt meteen op dat ik echt contact heb met de honden, vooral met het alfavrouwtje dat voorop loopt. Als we een heuvel opgaan en het wordt het span te zwaar, draait ze haar kop en kijkt me aan alsof ze wil zeggen: ‘Hé, help eens even mee!” Voor hen is de menner gewoon een zevende hond, die af en toe best even af mag stappen om de slee te helpen duwen. De honden worden heel bewust in het span geplaatst: de fysiek sterke exemplaren vaak achterin, de slimste en mentaal sterke dieren helemaal voorin. Er zijn honden die minder goed door één deur kunnen – die worden liefst in verschillende spannen geplaatst – en er zijn hartsvrienden en -vriendinnen, die je geen groter plezier doet dan als ze naast elkaar mogen lopen. Het is bijzonder om een glimp op te mogen vangen van de verschillende karakters van de dieren.

 Zo. Muts af, handschoenen uit, sjaal over de bank met rendiervellen, zodat die droog en sneeuwvrij is als we na onze lunchpauze weer de natuur in gaan. Van het vuurtje in de trekkershut komt een behaaglijke warmte. We roosteren worstjes (lekker, met mosterd!) en broodjes aan lange stokken en zetten met behulp van een ijzeren ketel en sneeuw een lekkere kop thee voor na de maaltijd. Na verloop van tijd voel ik mijn gezicht rozig worden. De vlammen nodigen uit tot reflecteren: de afgelopen dagen heb ik aan ijsvissen gedaan (nee, niets gevangen) en een bizar mooie sneeuwschoenwandeling door de Arctische wildernis gemaakt. ’s Avonds ben ik lekker opgewarmd in de sauna, waarna ik elke dag moe mijn warme bedje inrolde. Maar de vlammen nodigen ook uit tot dromen: hoe zouden de komende dagen verlopen? Op het programma staan nog een sneeuwscootertocht, langlaufen, kennismaken met rendieren en een bezoek aan Santa Claus Village. Elke ervaring hier is intens en bijzonder. Het is niet mijn eerste keer boven de Poolcirkel, en het is zeker ook niet mijn laatste reis. Dit winterwonderland, dat gewoon in Europa ligt, klaar om te ontdekken, zal me altijd blijven trekken.

Leave A Comment