Reisverhaal – Tussenstop in IJsland
Ons vakantieplan van afgelopen zomer zou ons naar Noord-Amerika brengen. Op zoek naar gunstige vluchten richting de V.S. lag de IJslandse luchtvaartmaatschappij Icelandair voor de hand. Gunstige vluchttijden, goed tarief en met een tussenstop in Reykjavik is het dé gelegenheid tot een stop-over in IJsland.
Wij hebben er voor gekozen drie en een halve dag in IJsland te besteden, alvorens door te vliegen naar Seattle. Een goede voorbereiding en een strakke planning heeft er in geresulteerd dat ik, samen met mijn vriendin, veel heb kunnen zien van dit waanzinnige eiland. Hier alvast de conclusie: onvergetelijk en als je de kans krijgt om IJsland te bezoeken, doe het!
Ontspannen tijdens en na de vlucht
De vlucht van Amsterdam naar Keflavik (luchthaven Reykjavik) duurt minder dan drie uur. Het is onder uit zakken aan boord; de vliegtuigen zijn allen uitgerust met een persoonlijk mediaconsole met films, muziek, naslagwerken en real-time vluchtgegevens.
’s Middags aangekomen op de overzichtelijke luchthaven van Keflavik, zaten we binnen 30 minuten met bagage en al in onze gehuurde 4×4. Ik zeg nu al; die 4×4 is wat mij betreft een must voor een echte IJsland beleving.
20 minuten van de luchthaven ligt de ‘Blue Lagoon’, een van de grootste toeristische trekpleisters van het eiland. Het is een kunstmatig meer, gelegen in een lavaveld en een logische eerste stop na aankomst. Het warme water van de lagune is rijk aan mineralen, silicaten en blauwwieren die het warme water een bijna lichtgevend blauwe kleur geven. Waar ik thuis niet het geduld weet te vinden om uberhaupt een bad in te stappen, heb ik hier heel gemakkelijk twee uur weten te besteden met zwemmen, stoombaden, sauna’s en dobberen. Onderdeel van de Blue Lagoon is het LAVA restaurant, wat een aanrader is. Niet alleen vanwege het heerlijke eten (waanzinnige vissoep en dito lam), maar ook vanwege de atmosfeer.
Onze eerste nacht brachten we door in Selfoss, zo’n drie kwartier rijden vanaf de Blue Lagoon en een goede startplek voor een volgende strak ingeplande dag.
Verbaasd over de schoonheid
Voor de tweede dag zijn we gezegend met alweer een stralende dag. Na een vroeg ontbijt gaan we snel op weg, want er staat een drukke dag op de planning. Vanaf Selfoss zijn we de ringweg richting het oosten gereden tot aan Vik. Dit kost je een paar uurtjes, maar je komt heel wat moois tegen op de route.
De watervallen op de route waar je moet stoppen is onder meer de Seljalandsfoss. Deze 65 meter hoge waterval ligt vlak aan de ringweg en dus niet te missen. Het leukste van deze waterval is dat je er achterlangs kan lopen!
Volgende stop is de Skogafoss, even hoog als de Seljalandsfoss, maar dan 25 meter breed en met een mooie hike die je naar de top van de waterval leidt. Aanrader!
De gehele weg naar Vik zit je je ogen uit te kijken naar uitgestrekte as velden, de opdoemende rotsen, gletsjers en het …niets. In de buurt van Vik komen we terecht bij Dyrhólaey, een klif aan de kust. Hier vandaan heb je een mooi uitzicht naar oost en west. Hier nestelen de Papegaaiduikers, echter waren wij er buiten het broedseizoen zodat wij ze gemist hebben. Jammer!

Vanaf Vik zou, wat achteraf bleek, het hoogtepunt van de IJsland Experience gaan beginnen. We reden het binnenland in richting Landmannalaugar, een dal niet ver van de Hekla vulkaan. De rit is alleen te maken met een 4×4 en voert je langs de mooiste uitzichten die IJsland te bieden heeft; ryolietbergen, beekjes, rivieren, heuvellandschappen, gletsjers…. van de ene minuut op de andere wisselt het landschap van lief naar ruig en weer terug. Ik ben bevoorrecht om al het een en ander te hebben gezien van de wereld, maar de beleving van urenlang scheuren in je 4×4 zonder iemand tegen te komen, met open mond aanschouwend wat je allemaal passeert op de onverharde wegen is iets wat ik nog niet eerder heb meegemaakt. Ik raad achteraf wel aan om je een beetje voor te bereiden op een lange rit (wat wij niet hadden gedaan). Dus een volle tank, eten en drinken, en een goede kaart. Ik kreeg na een paar uur rijden wat koud zweet wegens het ontbreken van een volle tank zonder te weten hoe lang de rit nog zou duren. Je bent namelijk echt in de middle of nowhere zonder GSM bereik. Uiteindelijk zijn we wel bij het begin van de beroemde trekkingtocht ‘Laugavegur’ terecht gekomen. Wij hebben daar een tocht van een uurtje gedaan, omdat wij niet zoveel tijd hadden. We wilden immers voor het donker bij onze overnachtingplaats aankomen. De hikeroute leidde ons door lavasteenvelden, warme bronnen en open velden met wederom waanzinnige uitzichten.
Na de hike was het terug de auto in haasten en nog een uurtje of 2-3 scheuren om in Fludir te eindigen om daar in het Icelandair Hotel te overnachten, naar wat bleek een zeer comfortabel hotel te zijn met een goed diner en nadien een relaxmoment in de hottub, wat wij wel verdiend hadden na deze lange dag.
Op weg naar Reykjavik
Vandaag een minder druk dagje voor de boeg. Vanuit Fludir de ‘golden circle’ vervolgen langs de toeristische evergreens van IJsland: Gulfoss, de geisers en Thingvellir. De Gulfoss is IJslands bekendste waterval; een mastodont dat een lading water afvoert over drie trappen, waarna het naar beneden stort in een uitgeholde kloof die ontstaan is doordat zelfde water.
De geisers zien er van te voren uit als een ware tourist trap. De tourbussen komen af en aan en de passagiers worden er bij de souvenirshop uit gezet. Wij voelden ons van te voren dus gewaarschuwd, maar niets is wat het lijkt. Het is gewoon leuk om met z’n allen om die geiser te staan en te wachten op het moment dat hij gaat spuwen, waarbij het de truc is om precies op het juiste ogenblik de knop van de fotocamera in te drukken.
Thingvellir is de plek waar de landplaten van Eurazie en Noord Amerika bij elkaar komen. Nou ja, bij elkaar komen; ze willen eigenlijk van elkaar af. Dit zorgt er voor dat het magma zich een weg naar boven baant tussen deze platen, waardoor er zich een gordel van lavagesteente vormt.
Last stop, Reykjavik. De enige plek op IJsland waarbij je het gevoel hebt dat het geen IJsland is. Een modern stadje met een Scandinavische uitstraling. Leuk om rond te kijken en te eten in een van de vele goede restaurants. Zo hebben wij de beroemde kreeftensoep bij viskot Sægreifinn op, waarbij mij niet zozeer die soep opviel, dan wel de opgezette zeehond die tegen de muur geplakt was en de stukken walvisfilets die er te koop zijn.
’s Avonds hebben we ons een diner in het ‘Sjavargrillid’ veroorloofd. Een van de nieuwste hotspots in de stad, waar ik de enige papegaaiduiker van de vakantie heb gezien, namelijk een gegrilde. Het was zeer smakelijk en op mijn bord net zo fotogeniek als in het wild. Een aanrader, net als het restaurant!
In galop
Waar is IJsland, naast vulkaanuitbarstingen, bankencrises en geisers nog meer bekend om? Juist, IJslanders! Maar dan de paarden.
Op onze laatste dag gingen we nog een uurtje paardrijden, alvorens onze vlucht in de middag richting Seattle te pakken. Ik werd als debutant in de beginnersklas geplaatst. De paarden kenden het rondje blijkbaar al dat we gingen rijden, want ze lieten zich niet leiden en gingen in draf zonder enige aansporing en namen hun rust zonder dat ik hier opdracht tot gaf. Opzich wel praktisch, want ik kon zo van de omgeving genieten. Voor ons was dit een ontspannen einde aan een waanzinnige korte vakantie op IJsland.
IJsland zal altijd een speciale bestemming voor me blijven. Het is moeilijk mijn vinger er op te leggen wat het zo speciaal maakt. Het zijn de natuurelementen die overal zo overduidelijk zorgen voor de onvoorspelbaarheid van het landschap (en het weer). Je kan hier urenlang rijden zonder je een minuut te vervelen, ook al zie je niets… Als je de kans krijgt om een bezoek aan IJsland te brengen, doe het!

je hebt helemaal gelijk, ijsland is echt top!!
Prachtige foto’s. Mooi verhaal.
IJsland is uniek, indrukwekkend en zo anders dan je zou verwachten, zelfs ook nadat je er veel over gelezen hebt. Conclusie: je moet het zelf ervaren….
Ijsland is prachtig! Wij bezochten het twee jaar geleden en hadden veertien dagen prachtig weer. De foto’s zijn schitterend maar ze geven niet weer wat je allemaal ziet. Elke dag een ander landschap. Wij hebben en deel van de ringweg gedaan en dan dwars doorgestoken. Op de ringweg heb je niet echt een 4×4 nodig die hebben wij pas gehuurd om door te steken. Een geweldige ervaring ! Je krijgt ginder terug respect voor alle soorten natuur. Echt een aanrader, de rust, de natuur, de eenzaamheid, de puurheid.